Terug naar hoofdinhoud

Over 'Amsterdam voor sjiek en sjofel'

Geplaatst op .

Onlangs verscheen het boek Amsterdam voor sjiek en sjofel - De compacte stad van Michael van der Vlis - 1970-1990, geschreven door Tim Verlaan en Petra Brouwer. In de jaren zeventig en tachtig van de vorige eeuw veranderde de ruimtelijke ontwikkeling van Amsterdam radicaal van koers. Waar in het begin van die periode de Amsterdammers werden gestimuleerd hun woning te zoeken in overloopgebieden als Purmerend, Hoorn, Almere en Lelystad had twintig jaar later de compacte stad vorm gekregen. Sleutelfiguur in die transitie was wethouder Michael van der Vlis.

Het boek beschrijft twintig jaar stads- en stedenbouwgeschiedenis en is tegelijkertijd 'een soort van' biografie van Van der Vlis, waarin de auteurs wisselend een hoofdstuk voor hun rekening nemen. Hoofdstukken die zoals zij stellen ook afzonderlijk te lezen zijn. Dat is waar, maar wringt een beetje. Het geheel is soms wat onevenwichtig. De enige kritiek, want verder een heerlijk boek!

Verdichting en compacte stad
Wat me trof is de overeenkomst in discussies toen over de compacte stad en die in de huidige tijd over verdichting of uitleg van de stad. Als de auteurs de filosofie van Van der Vlis samenvatten als: 'wonen en werken in hoge dichtheden binnen de stadsgrenzen, stadsvernieuwing door behoud en herstel, en ontmoediging van autogebruik ten gunste van openbaar vervoer, fietsers en voetgangers' klinkt dat erg herkenbaar voor het nu.
En daarom speelde bij het lezen de huidige discussie steeds in mijn achterhoofd.

Stedenbouw en politiek
Net als de wijze waarop stedenbouw en stedelijke ontwikkeling toen 'politiek gemaakt' werden, zowel in buurtactivisme als op het stadhuis. De compacte stad was een afscheid van de technocratische aanpak en verbond stedenbouw met leven en leefomgeving. Hoe we nu ruimtelijke ontwikkeling verbinden aan maatschappelijke ontwikkeling en onze democratische samenleving is een vraag voor het heden.

Informatie over het boek: https://lnkd.in/ez5JZUQz