Slim Zand MobileVeldhoven, dorp bij Eindhoven, de plaats waar ASML is gevestigd. Voortgekomen uit Philips werd het de marktleider die de wereld voorziet van chipmachines. Circa 12.000 mensen werken bij ASML en dat aantal groeit snel, veel van hen komen niet uit Nederland. Hoe mengen Brabanders met expats; of ´internationals’ zoals ze hier ook wel worden genoemd? Singles gaan misschien wonen in het centrum van Eindhoven, maar gezinnen zoeken een woning in Veldhoven; hun kinderen groeien er op; blijven ze of gaan ze voor een volgende baan door naar een ander techcentrum in de wereld, want helemaal thuis voelen ze zich toch ook niet. Wat doet hun komst met het dorp? ASML breidt nog steeds in flink tempo uit met nieuwe fabrieken; er worden woningen gebouwd, voorzieningen passen zich aan.

Gedifferentieerd beeld
Journalist Tijs van den Boomen onderzoekt het en beschrijft het in Slim Zand – Hoe ASML verscheen in Veldhoven. Aanvankelijk denkt hij te struikelen over de internationals, maar hij vindt ze op het eerste gezicht nergens. Hij denkt de veranderingen van Veldhoven op straat te zien, maar hij moet veel initiatief nemen, zich bij veel mensen binnenpraten om de vinger achter de veranderingen te krijgen en dan ontstaat een heel gedifferentieerd beeld. Internationals brengen niet meteen stadse levendigheid op straat. Werelddorp Veldhoven wijkt ook weer niet zo heel erg sterk af van een andere middelgrote Brabantse plaats. ‘De global Village is niet gericht op spektakel en uiterlijk vertoon, hij is eerder introvert en bescheiden…’, schrijft hij. Internationals gedragen zich niet zo heel veel anders dan Nederlanders. Ze wonen als gezin graag in ruime woningen in rustige buurten; als gevolg verarmd het centrum van Veldhoven en worden de omliggende wijken welvarender. Misschien een keuze bèta-expats eigen?


Oude instellingen, nieuwe functies
Maar de Veldhovense voorzieningen merken natuurlijk wel veranderingen. Opmerkelijk is dat veel van de expats aanvankelijk niet zo positief zijn over het Nederlandse onderwijs, ze vinden het niveau en de ambitie te laag, maar draaien bij als ze zien dat er meer ruimte is voor creativiteit en een bredere ontwikkeling die kinderen gelukkiger maakt. Onderwijs is een sleutel in integratie, sport waarschijnlijk ook. Parken en openbaar groen vinden ze belangrijk. De bibliotheek vervult allerlei (nieuwe) functies. En de mensen achter dit soort voorzieningen zijn voortdurend bezig zich aan te passen aan de nieuwe bewoners.
ASML voelt zich geen Veldhovens bedrijf, zelfs geen Nederlands. En dat is te merken. Waar Philips, gelijk zoveel andere grote bedrijven zich vroeger verantwoordelijk voelden voor hun werknemers en de ruimtelijke ontwikkeling in hun vestigingsplaats, is dat bij ASML niet zo. En ze bemoeien zich alleen met de dorpspolitiek als het hun eigen belang raakt, als het gaat over hun uitbreidingen en hun aansluiting op het wegennet. En tot verbazing van Van den Boomen zijn ze daarbij niet bezig met een lange termijn strategie, maar met het korte termijn belang, alsof ze zelf ook niet weten hoe hun toekomst eruit ziet.

Nieuwe samenlevingsopbouw?
Van den Boomen heeft al rondwandelend heel veel tijd en energie gestopt in zijn zoektocht naar de veranderingen in Veldhoven onder invloed van ASML. Zijn vele contacten vertellen inzichtelijke verhalen en hij schetst een mooi beeld van de Veldhovense samenleving. Maar eenduidig is het beeld niet, althans ik lees het er niet in. Dat is ook niet erg. Dé expat bestaat niet; net zo divers als onze samenleving is misschien ook wel de expat. In het boek onderdrukt (zo zegt hij zelf) Van den Boomen zijn neiging om te fantaseren over beter (op de expat gericht) gemeentelijk beleid, sociaal en ruimtelijk. In een artikel in de Groene bij verschijnen van het boek doet hij dat wel en als het gaat over het stimuleren van nieuwe initiatieven van onderwijs- en zorginstellingen of de bibliotheek lijkt mij dat ook prima. Maar hij voert in dat artikel ook hoogleraar sociologie en WRR-lid Godfried Engbersen op. Die ziet in plaatsen als Veldhoven afnemende sociale cohesie en zegt: ‘Het is een misvatting dat het vanzelf goed gaat, we moeten opnieuw gaan nadenken over samenlevingsopbouw.’ Dat woord ‘samenlevingsopbouw’ refereert wel erg aan het oude welzijnswerkideaal van professionals die van bovenaf de burger helpen zijn plek te vinden in de maatschappij en daarbij en passant zijn belangen behartigen. Is dat niet een stap te ver?

Publiek domein
Maar Engbersen meldt in datzelfde artikel ook dat de WRR begin volgend jaar komt met aanbevelingen en dat al duidelijk is dat daarin de publieke ruimte een belangrijke rol zal spelen. Daaronder verstaat Enbersen niet alleen de straten en parken, maar ook buurtwinkels, buurtcentra, scholen en bibliotheken.  En Tijs van den Boomen vult aan dat hij al voorzichtige aanzetten ziet van die WRR aanbevelingen in de bibliotheek bijvoorbeeld met de taalcafés. Het zijn ook de conclusies die Lenneke Overmaat, Arnold Reijndorp en ik trokken in ons rapport over publieke ruimte in de Haagse Schilderswijk. Daar en in Veldhoven zou je de diversiteit in ontwikkelingen en het aanpassingsvermogen van voorzieningen als scholen en de bibliotheek nu al kunnen zien als een illustratie van het vermogen van de samenleving om zich aan te passen aan de nieuwe bewoners en van nieuwe bewoners om zelf hun plek te vinden.

Tijs van den Boomen is journalist met een specialisatie in stad en publiek domein. Hij was o.a. mede-auteur van de trancityxvaliz publicatie Stedelijke vraagstukken – veerkrachtige oplossingen.

Zie hier voor het artikel in de Groene.

Het boek Slim Zand – Hoe ASML verscheen in Veldhoven verscheen deze maand bij Querido Fosfor

Abonneer u nu op de nieuwsbrief over onze publicaties en programma’s