Florida2 Small De opkomst van de creatieve klasse leidde niet alleen tot het succes van vele grote steden, maar ook tot allerlei ongewenste neveneffecten, zoals gentrificatie, segregatie en ongelijkheid. Dat is de boodschap van het nieuwe boek The New Urban Crisis van Richard Florida. Betaalbare huisvesting is er niet meer; de middenklasse mag nog wel werken in de stad, maar kan er niet meer wonen; stadsdelen zijn óf rijk, óf arm en het verschil tussen die twee wordt steeds groter. ‘The winner-take-all urbanism’ noemt Florida dat. Hij beschrijft Amerikaanse steden (en af en toe London), maar de trend is zo langzamerhand ook voor ons in Nederland herkenbaar.

The dark side of urban revival
Natuurlijk kennen we Richard Florida vooral van zijn bestseller The Rise of the Creative Class uit 2002. Het aantrekken van de creatieve klasse en het inrichten van de stad voor die groep van kenniswerkers was de weg naar succes en economische voorspoed voor de stad. Florida presenteerde het niet alleen als een analyse van een bestaande ontwikkeling, maar vloog vervolgens de wereld rond om overal stadsbestuurders te inspireren om voluit te investeren in de creatieve klasse. Komt hij daar nu op terug? Een beetje. In het boek zijn een paar alinea’s te vinden waarin hij duidelijk zegt dat hij toen geen rekening heeft gehouden met de bijwerkingen van zijn medicijn: een onbetaalbare en voor twee derde van de bevolking ontoegankelijke stad. ‘I realized I had been overly optimistic to believe that cities and the creative class could, by themselves, bring forth a better and more inclusive kind of urbanism.’ En: ‘I found myself confronting the dark side of the urban revival I had once championed and celebrated.’

 

Creatieve stad in plaats van creatieve klasse
Overigens ben ik zelf ook niet brandschoon in deze discussie. In 2005 publiceerde ik samen met Evert Verhagen een bundel artikelen onder de titel Creativiteit en de stad – Hoe de creatieve economie de stad verandert. Uiteraard met een forse bijdrage van Florida.
Creatief2Maar gelukkig lag een belangrijk accent in die bundel niet op de creatieve klasse, maar in navolging van Charles Landry op de creatieve stad. In zijn boek uit 2000 bepleit hij dat de stad de creativiteit van ál zijn bewoners moest proberen aan te boren. Landry was daarmee de voorbode van een later opkomend begrip als de veerkrachtige stad.

Economische of sociologische bril?
Je kan misschien een beetje cynisch doen over Florida. Immers opnieuw voelt hij de tijdgeest perfect aan en weet daar een bestseller over te schrijven, En ook op de inhoud van zijn nieuwe boek valt wel iets af te dingen. Het is allemaal zo (macro)economisch en geografisch, met zijn eindeloze statistiekjes en met plattegronden met ruimtelijke verdelingen. Ergens zegt hij dat hij nu zijn economische bril deels heeft ingewisseld voor een sociologische. Maar in het boek zelf is daar veel te weinig van terug te vinden.
Maar dat laat onverlet dat Florida opnieuw een fascinerend boek heeft geschreven. Hij weet waarover hij schrijft. En hij doet dat in een superieure stijl, compleet met persoonlijke uitstapjes naar de veranderingen in het leven van zijn ouders en met echte cliffhangers aan het einde van een hoofdstuk.

Concreet beleid
In zijn laatste hoofdstuk doet Florida suggesties om het tij te keren. Die moet je wel plaatsen binnen de Amerikaanse context van afkeer van overheidsbemoeienis en het ontbreken van een verzorgingsstaat. Maar toch ook interessant voor onze Nederlandse discussie:
- Clustering van economische activiteit en ruimtelijke verdichting van de (suburbane) stad, gepaard aan meer diversiteit van functies.
- Beter openbaar vervoer om werken en wonen efficiënt te verbinden en daarmee ook verschillende (rijke en arme) stadsdelen.
- Betaalbare woningen bouwen voor een nieuw te vormen middenklasse.
- Maar omdat hij niet verwacht dat de woningmarkt (in de VS) dat gaat realiseren voor iedereen bepleit hij inkomensverbetering, door een basisinkomen en vooral door een vorm van negatieve inkomstenbelasting.
- Verschuiven van subsidie aan huiseigendom naar subsidie aan huur. Een economisch sterke, flexibele en voor iedereen toegankelijke stad is, zo zegt hij, hoe dan ook meer gebaat bij huur dan koop.
- De overheid kan sturen op betaalbaar wonen en maatschappelijke functies door niet het eigendom van een gebouw te belasten, maar het gebruik van de grond.

Lokale communities
En tenslotte bepleit hij om af te stappen van generieke top-down plannen en meer vertrouwen te hebben in lokale oplossingen en versterking van lokale communities.
Die laatste aanbeveling komt, zo geeft toe, voort uit de verkiezing van Trump. Als naar zijn verwachting Clinton de verkiezing had gewonnen zou hij meer vertrouwen hebben gehad in de federale overheid. Curieus, omdat het ook meteen de enige paragraaf in het boek is waarin hij aandacht geeft aan de veerkracht en het organisatievermogen van bewoners. Daar spreekt dan toch weer de econoom die zijn sociologische bril kwijtgeraakt is.

De rechtvaardige stad
In deze recensie ben ik selectief. Ik haal er kwesties uit die specifiek voor Nederland interessant zijn. En vooral plaats ik het  verhaal van Florida in de context van
De rechtvaardige stad. Onder die titel (een begrip uit de jaren zeventig van de vorige eeuw) starten Wouter Veldhuis van MUST Stedebouw en Simon Franke van Trancity een nieuw project. Wij maken ons zorgen over de toegankelijkheid van de stad voor iedereen en over het feit dat ruimtegebruik toenemend alleen nog in economisch rendement wordt bekeken en niet in maatschappelijke functie. Daarover later meer.

Abonneer u nu op de nieuwsbrief over onze publicaties en programma’s