Asterdorp CustomOnlangs verscheen Asterdorp – Een Amsterdamse geschiedenis van verheffing en vernedering, geschreven door Stephan Steinmetz. Een zeer aan te raden boek, prima geschreven en een mooi onderwerp: de bouw van het Asterdorp in Amsterdam-Noord in de jaren twintig van de vorige eeuw, bedoeld voor de ‘ontoelaatbaren’. Dat wil zeggen, zij die niet werden toegelaten tot een gewone huurwoning zoals die in die tijd volop nieuw werden gebouwd in Amsterdam. Een geschiedenis van bijna een eeuw geleden, maar met actuele parallellen.

Zat je in de schulden of was er twijfel of je sociaal gezien wel voldoende was aangepast, dan kon je een woning krijgen in een  speciaal voor jouw groep gebouwd complex van woningen. Woningen met een muur erom heen en alleen een deur naar de binnenzijde van het terrein. Er was maar één uitgang en die liep langs de woning van de opzichteres. Het leek in opzet veel op de woonscholen die later her en der in ons land ontstonden. Bedoeld ter verheffing dus.
Maar vernedering staat niet voor niets ook in de ondertitel. Bewoners werden gezien als ‘objecten’ waaraan gesleuteld kon worden om hen tot goede oppassende burgers te maken. En woonde je in het Asterdorp dan kreeg je wel een stigma mee; op de arbeidsmarkt, de kinderen op school. En, zo suggereert de auteur, het bestaan van het dorp was ook een waarschuwing voor de anderen. Alleen al daarom vond men het bestaan gerechtvaardigd.

 

Geschiedenis of actualiteit
Is dit nu allemaal geschiedenis? Helaas toch niet helemaal. Bij het lezen van het boek had ik voortdurend de publicatie die trancity-valiz deze week uitbrengt en waaraan ik tijdens het lezen van het Asterdorp aan werkte voor ogen: De waarde van het alledaagse, een boek over het leven in drie ‘gewone’ wijken in Tilburg, Breda en Roosendaal. Natuurlijk zo onomwonden zal de overheid bewoners niet meer in het gareel dwingen. Maar de beschrijvingen van de Brabantse wijken laten misschien toch nog een aantal van dezelfde mechanismen zien, al is het subtieler, verhulder. Verheffing, in de zin dat overheid en professionals het nog steeds niet kunnen laten om in te grijpen in het leven van wijkbewoners omdat zij ervan overtuigd zijn dat ze beter dan die bewoners zelf weten wat goed voor hen is. En vernedering omdat al die goede bedoelingen tot stand komen zonder echte vorm van overleg met bewoners en omdat het stelselmatig benoemen van problemen in een wijk de bewoners nog steeds stigmatiseert.
Stephan Steinmetz laat met zijn boek zien waar die neiging tot beter weten en ingrijpen vandaan komt. Het zijn in zijn ogen de ingenieurs die succesvol de steden vernieuwden, zorgden voor riolering en betere huisvesting, en die in de eerste helft van de 20ste eeuw dachten ook het sociale leven op dezelfde manier te kunnen sturen en maken.

Voor de publicatie over het Asterdorp is een speciale website ingericht. Meer informatie over De waarde van het alledaagse vindt u hier.

Abonneer u nu op de nieuwsbrief over onze publicaties en programma’s