TijdschriftenEerder deze maand heb ik na bijna tien jaar afscheid genomen als bestuursvoorzitter van MetropolisM, het tijdschrift voor hedendaagse kunst. Nu blijft er genoeg vrijwilligerswerk over, want ik zit ook nog in het bestuur van Oase en van Archis/Volume, beide architectuurtijdschriften, al heeft de laatste zeker een wat bredere invalshoek. Wel een bijzonder moeilijk moment om afscheid te nemen bij MM, want daar, net zo goed als bij al die andere cultuurtijdschriften, staat het voortbestaan op het spel. Wat is het verhaal?

Zoals bekend heeft het vorige kabinet flink gesneden in de cultuurbegroting. Maar de ingrepen gaan niet alleen over geld; er is ook gekozen om bepaalde vormen van cultuur en de overdrachtsmedia die daarbij horen minder of niet meer te subsidiëren.  In een enkele regel in de brief die de staatssecretaris vorig jaar naar de Tweede Kamer stuurde werd vermeld dat culturele tijdschriften niet langer in aanmerking zouden komen voor overheidssubsidie (die via de cultuurfondsen werd verstrekt).Tijdschriften is iets voor de markt en daar hoeft geen subsidie bij. Dat wil zeggen als het zonder subsidie niet lukt, dan is er kennelijk geen bestaansrecht. Hoewel ook de fondsen zoals Stimuleringsfonds Creatieve Industrie en Mondriaan Fonds zich hard hebben gemaakt voor de tijdschriften bij het Ministerie is de maatregel niet van tafel. Dat betekent dat het voortbestaan van tijdschriften zoals MetropolisM, Oase en Volume erg moeilijk of zelfs onmogelijk zal worden.

Denkfout
De denkfout in de maatregel is dat al of niet subsidie gekoppeld is aan het feit dat er tijdschriften zijn die het redden op de markt en dat tijdschriften die dat niet redden geen subsidiewaardige bijdrage leveren aan de cultuur. Dat is een vreemd argument. Immers ook bij bijvoorbeeld de podiumkunsten kennen we gesubsidieerde en ongesubsidieerde voorstellingen. Omdat die laatsten bestaan zal niemand beweren dat die eersten dan ook maar zonder subsidie toe moeten en als dat niet lukt dat ze geen bestaansrecht hebben. De kern van het argument daartegen over is dat je de tijdschriften moet beoordelen op hun functie voor het terrein waarop zij werken. ‘Ons’ pleidooi is dan ook dat de cultuurfondsen inhoudelijk beoordelen of die functie op een betekenisvolle wijze wordt vervuld. En natuurlijk moeten de fondsen ook vragen naar de efficiënte besteding van het geld en vragen om een zo commercieel mogelijke benadering; niet in het vaststellen van de inhoud, maar wel in de wijze waarop die inhoud wordt gecommuniceerd.

Toekomst?
Natuurlijk zijn MM, Oase en Volume bezig met vernieuwende vormen van (ook digitaal)uitgeven met nieuwe ‘verdienmodellen’. En natuurlijk proberen ze om hun verkoop en abonneeaantal omhoog te brengen en andere financiering aan te boren bij gulle gevers en particuliere fondsen. Maar in sectoren waar de markt slecht is of waarin het overheidsbeleid met bezuinigingen toch al hard aankomt is dat een moeilijk scenario. Of het lukt zullen we binnen 1 of 2 jaar weten. Maar u moet niet raar opkijken als het veld van de culturele tijdschriften dan flink is uitgedund.

Abonneer u nu op de nieuwsbrief over onze publicaties en programma’s