Prinzessinnengarten Berlijn Marco Clausen - Prinzessinnengarten

Met enige verbazing zie ik ‘stadslandbouw’ nog steeds stijgen in populariteit. Overal ontstaan nieuwe projecten. En de weerslag daarvan vinden we terug in de pers, niet zozeer in de vakbladen, maar juist in de landelijke kranten zijn grote stukken te vinden. De ‘Dag van de Architectuur gaat over twee weken ook over ‘architectuur en voedsel’. En toen ik in de zaterdagse glossy bijlage van het 'Financieele Dagblad' een groot artikel met fraaie foto’s van New Yorkse daktuinen zag realiseerde ik me dat er niemand te vinden is die er iets op tegen  heeft. Ik ook niet, integendeel, ik wordt net als al die andere mensen enthousiast en optimistisch van de moestuin in de stad. Maar ik vraag me wel af waarom het zo werkt. Gelukkig ben ik als uitgever bezig met de ontwikkeling van een boek over stadslandbouw. En met het voortschrijden van het werk aan dat boek ontstaat ook enig zicht op de betekenis.

Boek in wording
Afgelopen winter werd ik benaderd door Francesca Miazzo, enthousiast  trekker van de  CITIES Foundation. Dit Amsterdamse initiatief is al jaren bezig met stadslandbouw, niet alleen met uitleggen hoe je het doet, maar ook met uitzoeken wat nu de waarde er van is. Het boek dat Francesca en Mark Minkjan voor CITIES samenstellen en dat Trancity uitgeeft bevat een dertigtal beknopte documentaties in West-Europa en de VS, van omvorming van braakliggende terreinen tot daktuinen. Maar minstens zo belangrijk zijn twintig essays waarin de betekenis van stadslandbouw wordt onderzocht in een aantal verschillende ‘domeinen’ die relevant zijn in stedelijke ontwikkeling. Wat is de economische betekenis (lokaal ondernemerschap, werkgelegenheid) en de sociale waarde ( verbindt zeer uiteenlopende groepen). Welk perspectief ontstaat op architectuur en stedenbouw (vergroening, rijkere openbare ruimte), nieuwe wijkaanpak (ontwikkeling lokale veerkracht) en de ontwikkeling van duurzame innovaties (naar een klimaat neutrale stad).

Specifiek maken

Uit zo’n opsomming zie je dat stadslandbouw appelleert aan een grote verscheidenheid aan thema’s die we op dit moment belangrijk vinden in de stedelijke ontwikkeling. Daar komt bij dat het bij uitstek ook een onderwerp is dat gedijd bij bottom-up initiatieven, dat het voor iedereen letterlijk en figuurlijk dicht bij huis is en een enorme positieve uitstraling heeft. Dat klinkt allemaal ook wel weer gevaarlijk algemeen en als iedereen het omarmt vraag je je toch ook meteen af waar en hoe het echt fundamenteel ingrijpt in onze bestaande omgang met de stad. De bestaande populariteit  van  het onderwerp is fantastisch maar vraagt ook om specifieke uitwerking op een manier die, ook als de hype voorbij is, stadslandbouw een vanzelfsprekende en niet meer weg te denken factor is in onze stad. Hoe dat precies moet ben ik ook nog aan het ontdekken, maar dat inzicht komt vast als de teksten voor ons boek binnenkomen. Na de zomer meer over mijn voortschrijdend inzicht.

‘Farming the City’ verschijnt in januari 2013 bij Trancity/Valiz in een Engelstalige uitgave, met steun van het Stimuleringsfonds voor Architectuur.

Abonneer u nu op de nieuwsbrief over onze publicaties en programma’s